Henk wint een prijs en Haiko mag mee

Als een kind zo blij was Henk afgelopen vrijdag. En dat kan ik me voorstellen.

De prijs die hij via Radio Veronica heeft gewonnen, is niet niks. Een 3-daagse geheel verzorgd VIP-arrangement naar Genua, inclusief hotelovernachtingen, en het bijwonen van de wedstrijd Sampdoria-PSV.

Ik ben dan wel geen PSV-supporter, maar ik begrijp heel goed dat Henk hier even helemaal van uit  zijn plaat ging. Udo niet. “Ouwe dibbes, al kreeg ik geld toe. Kom op, doe me een lol. Je denkt toch niet dat ik naar dat achterlijke stelletje gloeilampen ga zitten kijken.”

Het mooie is, Henk reist in hetzelfde vliegtuig als de PSV-selectie en zit waarschijnlijk ook nog in hetzelfde hotel. En Henk gaat niet alleen, want Haiko mag met hem mee. Dus als jullie dit lezen, zitten onze twee teamgenoten al hoog en droog in een van de vele kroegen van Genua, samen met waarschijnlijk zo’n 700 andere PSV-supporters.

Henk zat van het weekend nog wel te dubben of hij zijn voetbalschoenen zou meenemen. “Je weet maar nooit. Als Rutten me vraagt, ik ben er klaar voor. We zullen die Italianen eens een poepie laten ruiken.” Oké, Henk, nu kan die wel weer.

Ik heb de twee H’s voor hun vertrek nog één goeie tip gegeven. “Jongens, wat er ook gebeurt. Blijf gewoon in de buurt van Jonathan Reis, want dan zit je altijd goed. Je krijgt of een paar lijntje coke of het wordt een groot bacchanaal.”

O ja, nog een tip. Als je een politieman tegenkomt, niet zijn pet afpakken, want dat vinden ze in Italië niet leuk.

Squashen in plaats van voetballen

pomp in moestuin

Met Koning Winter stevig op de troon lijkt de winterstop een paar weken eerder te beginnen. Op zich niet erg, maar de vraag is natuurlijk wat je als voetballer met de zaterdagmiddag moet doen.

Nou, dat is simpel. Richard heeft een familieweekend, succes jongen, we zullen aan je denken. Michael gaat vrijwillig met zijn vriendin naar de musical Soldaat van Oranje; en nee, Michael, we geloven het niet als je zegt dat het leuk was.

De rest van het team gaat … squashen. De rest is in dit geval Rene, Haiko, Marcel, Arno en ik. Om drie uur ’s middags treffen we elkaar in het racket & bowlingcentrum. Later komen Henk en Udo ook nog binnenvallen. Niet om te squashen, maar gewoon om te kijken.

Al snel blijkt dat Arno en ik de slechtste spelers zijn. Rene timmert me na wat opstartproblemen met 9-6 van de baan en ook Arno heeft geen schijn van kans tegen Haiko die hem alle hoeken van het veld laat zien.

De partijtjes tussen Arno en mij zijn vooral demonstraties hoe je niet moet squashen. Arno verzucht op een gegeven moment na weer een mislukte bal: “Wat je er allemaal niet voor over hebt om een biertje te kunnen drinken. Sta ik hier nota bene op een squashbaan. Wat een ruksport!”

Haiko is de onbetwiste koning van de squashbaan. Op het voetbalveld heeft hij geregeld ruzie met de bal, maar squashen is op zijn lijf geschreven.

Ons Jerommeke heeft er dan ook het ideale postuur voor. Niet te groot, zodat hij makkelijk bij de lage ballen kan, explosief zodat hij ook op korte listige balletjes een antwoord heeft en zijn ultieme wapen, de backhand die hij snoeihard slaat.

Bovendien staat hij soms hinderlijk in de weg, waardoor je eerst om hem heen moet lopen om bij de bal te komen. “Ik stond toch niet in de weg? Anders doen we het punt gewoon over hoor”, zegt ie dan met een vuile grijns.

Toch lijdt Haiko een onverwachte nederlaag tegen Marcel en dat zit hem na afloop niet lekker. “Die Marcel begrijpt niets van squashen. Hij loopt op alle ballen en vervolgens slaat hij alle ballen rechtdoor. Dat doe je toch niet.”

Marcel reageert niet en drinkt zijn bier, de glimlach op zijn gezicht zegt alles.

Niet scoren en ook nog vlaggen

Het was een slechte dag voor Michael. Niet gescoord en tot overmaat van ramp moest ie de eerste helft tegen Klazienaveen ook nog vlaggen. En daar heeft hij echt een gloeiende hekel aan. Hij beklaagde zich dan ook luidkeels.

“Boonstra, dat meen je niet. Dat je me reserve zet, is tot daar aan toe, maar dat ik ook nog moet vlaggen. Jij hebt echt een hekel aan mij, hé?”

Michael mocht klagen tot hij een ons woog, maar vlaggen moest ie. In de tweede helft stond hij naast Bas in de spits, maar ook dat werd geen succes. Teveel op jacht naar een goal en daardoor doelloos, machteloos en besluiteloos.

Nee, Michael scoorde weer niet en dat vreet aan hem. Dat is logisch, want zijn weddenschap zit hem danig in de weg. En als ie pecht heeft, gaat hem dat geld kosten.

Michael heeft namelijk aan het begin van dit seizoen een weddenschap met de rest van het team afgesloten. Hij heeft met ons gewed dat hij in de competitie minimaal 25 doelpunten gaat maken. Voor ieder doelpunt dat hij minder scoort, krijgen wij een blaker bier van hem.

Nu de teller na negen gespeelde wedstrijden op slechts acht magere doelpuntjes staat, voelt Michael de druk toenemen. En dat komt zijn spel niet ten goede. In de resterende elf wedstrijden moet hij nog 17 keer scoren. Een schier onmogelijke opgave als je het mij vraagt.

Uiteraard hebben wij geprobeerd hem tegemoet te komen. Hij kan de weddenschap afkopen. Als hij vanaf nu iedere maand tot aan het eind van de competitie een blaker bier weggeeft, praten we verder nergens over. Michael heeft nog niet toegehapt.

Man van de wedstrijd werd Marcel met drie doelpunten. Maar ja, Marcel heeft geen stress en dan scoor je toch wat gemakkelijker.

Citaat van de wedstrijd: De ene spits van Klazienaveen tegen de andere spits als ze met 3-0 achterstaan: “Ik geloof dat ik de volgende wedstrijd maar als laatste man ga voetballen.”

Udo, scherp als een mes, ondanks dat ie ’s morgens nog uit Florida was komen vliegen: “Dat lijkt mij een heel goed idee, want voorin bak je er helemaal niets van.”

Dilemma van een blogger

Er is een vraag die mij al langere tijd bezighoudt en die zich na dit weekend nog nadrukkelijker manifesteert. Moet ik alles publiceren wat mij ter ore komt?

Het is een moreel dilemma dat zich niet zomaar laat oplossen op een zondagmiddag in november.

Ik ben deze blog begonnen om een voetbalseizoen lang het wel en wee van het derde te beschrijven. Dus niet alleen alle sportieve ups en downs, maar ook de onderlinge relaties tussen mijn teamleden, het werk- en privéleven, hun verlangens, ambities, misschien zelfs wel hun angsten. Vijftien voetballers onder een vergrootglas en dan maar kijken wat eruit komt.

Nou, dat is nogal wat kan ik jullie zeggen. Ik hoor zoveel dat ik voor het komende half jaar genoeg stof heb om een spraakmakende voetbalblog te maken. Maar is het verstandig om alles in de openbaarheid te brengen? Soms wordt onder de toevoeging “Ik wil het vertellen, maar, hé, dit blijft onder ons” of ‘Je hebt het niet van mij, maar ik heb gehoord’ mij dingen toevertrouwd. Kan ik daar dan toch over bloggen. Lastig.

Was ik een buitenstaander dan was het makkelijker, maar ik ben onderdeel van een team. We zijn van elkaar afhankelijk en dat zorgt ervoor dat ik bij het bloggen reserves moet inbouwen. Anders gezegd, niet alles wat er in de kleedkamer of aan de bierpomp wordt verteld, schrijf ik op. Dus ja, jullie lezen een blog met zelfcensuur.

Ik houd sommige zaken onder de pet, … voorlopig.

Het is een droger, geen wasmachine

Zaterdag werd ik in Het Geveltje aangesproken door Britt, de vriendin van Arno.

Ik had volgens haar in een eerdere blog een foutje gemaakt. Terwijl ze dat zei, keek ze me welwillend, maar tegelijkertijd ook wat streng aan.

Ik moet bekennen dat die blik me in verwarring bracht. Het was namelijk een blik die aan de ene kant van alles beloofde, maar die tegelijkertijd ook onverzettelijkheid uitstraalde. Ja, ik sprak hier met een dame met het vermogen om lief te hebben, maar ook een met haar op de tanden.

Een vrouw die,  zo stelde ik mij voor,  zonder blikken of blozen je keihard in je kruis zou schoppen als ze daar aanleiding toe zag.

Rekening houdend met het laatste vroeg ik voorzichtig wat voor foutje dat dan wel was.

“Je had geschreven dat we een wasmachine hadden gekocht. Dat klopt niet. Het is een droger, geen wasmachine.”

“Oké, een droger en geen wasmachine.” Ik haalde opgelucht adem.

Britt keek me nog steeds welwillend aan, zodat ik wat vrijmoediger werd.

“Dus Arno weet het verschil niet tussen een droger en een wasmachine.”‘

Britt lachte kort, nam een slok van haar wijn en zei: ‘”Arno weet wel meer niet.”

Voordat ik de kans kreeg om meer te vragen, stond ze op van de barkruk en liep ze weg, mij nieuwsgierig achterlatend.

Een nieuwe spits voor het derde

Even kort nieuws van de transfermarkt. Het gerucht zong al een tijdje rond, maar zaterdagavond hoorde ik het in Het Geveltje van de man zelf. Ronnie Zondag, nu nog voetballer in het tweede, komt in het nieuwe seizoen het derde versterken.

Ik zat erbij en ik kan jullie vertellen: Ronnie was niet in kennelijke staat en had, ogenschijnlijk, ook geen andere stimulerende middelen achter de kiezen. Hij zei het ook niet in een vlaag van verstandsverbijstering. Nee, hier sprak een man die na lang wikken en wegen een weloverwogen beslissing had genomen en opgetogen was dat hij dit besluit met iedereen kon delen.

Niet om te zeuren, ik ben blij met onze nieuwe aanwinst, maar mijn pleidooi voor een snelle en beweeglijke spits blijft natuurlijk ontegenzeglijk van kracht. Want Ronnie is van alles, maar snel en beweeglijk zijn niet direct van toepassing op de 105 kilo wegende mastodont.

Ronnie gaf iets later bij de gokkast overigens schoorvoetend toe dat hij iets te dik was, maar “in de zomermaanden ga ik een crash-dieet volgen. Het streefgewicht is 90 kilo. Ik word niet de tweede Mido als je begrijpt wat ik bedoel.”

Oké. Ik zal te zijner tijd de weegschaal van mevrouw de Jong mee naar de club nemen, dan kan Ronnie en public in alleen zijn onderbroekje bewijzen dat hij bereid is geweest om voor het derde een groot offer te brengen, no guts no glory, en inderdaad 90 kilo schoon aan de haak weegt.

Tip voor Ronnie. Het schijnt dat je een bierdieet hebt dat echt werkt, waarbij sex ook nog eens van harte wordt aanbevolen. Heeft te maken met de extra verbranding van calorieën en zo.

Trainen willen we wel, maar alleen met mooi weer

Op donderdagavond trainen we, dat wil zeggen, wie daar zin in heeft. Dat trainen doen we samen met het 4e en 5e. Doorgaans komen er tussen de acht en vijftien man opdraven.  Ten minste, zolang het nog mooi weer is.

Daalt de temperatuur onder tien graden en vallen de eerste herfstbuien, dan haakt de een na de ander af, totdat je op een donderdag, nu twee weken geleden, met vijf man overblijft. Ik wil best trainen, maar niet met vijf man. De anderen, Jeroen, Michel, Mollie en Peter, vonden dat ook, zodat de voetbaltas ongeopend weer mee naar huis ging.

Een week later was de opkomst nog bedroevender. Nu stond ik met alleen Richard Renkema naar de regen te kijken die gestaag neerdaalde. Ik geef het toe, het weer was niet zo best, harde wind en novemberregen van het onstuimige soort, maar geen reden om niet te gaan trainen. Even later dook Arno ook nog op, zonder voetbaltas overigens, zodat we vijf minuten later aan het eerste biertje zaten.

Ik noemde net Richard al. Richard is hoogstwaarschijnlijk de opvolger van Gerlof. Volgens Arno, die het weer van Udo heeft gehoord, gaat Gerlof aan het eind van het seizoen voor 99 procent terug naar SVV. Persoonlijk vind ik dat jammer,want de kleine man is een kleurrijk karakter.

Enfin, terug naar Richard, want over hem had ik het. Richard kwam tijdens Ganzenmarkt Arno tegen die waarschijnlijk zulke mooie verhalen over het 3e heeft verteld dat Richard in een opwelling heeft besloten om weer te gaan voetballen.

Met Richard halen we niet iemand binnen die een neusje voor de goal heeft. Zoals alle Renkema’s is ook hij gespeend van enig aanvallend gen. Verdedigen kunnen ze als de beste, maar vraag ze niet om de middenlijn over te steken, want dan lijken ze verdacht veel op een haas die door twee autolampen wordt beschenen.

Richard gaf dan ook ruiterlijk toe dat aanvallen niet in zijn vocabulaire voorkomt. “De laatste keer dat ik in de zestien van de tegenstander ben geweest, was in de jaren tachtig van vorige eeuw.”

Bedankt Arno, heel goed scoutwerk. Gelukkig hebben we in de selectie maar weinig verdedigers, not. Voor alle andere teamgenoten die zich als scout willen profileren: CSVC 3 heeft slechts behoefte aan een snelle spits die de operationele ruimtes induikt. Alle andere smaken hoeven we niet.

Goed, binnenkort gaan we zaal in, waarschijnlijk op woensdagavond van negen tot tien. Kijken of de opkomst dan wat hoger is.

 

Een parodie op voetbal

Droevig was het, diep droevig zelfs. Ik heb er geen andere woorden voor. Het was een parodie op voetbal en ook nog eens een hele slechte.

Aan het begin van het seizoen hadden we kampioenaspiraties. Na het gelijkspel van gisteren tegen Emmen 2 kunnen we die oppakken, inpakken en voor de rest van het seizoen heel diep wegstoppen in een grote kast op zolder. We zijn een treurige middenmotor geworden, niets meer, niets minder. Keer op keer schieten we onszelf in de voet. En het is niet een individueel falen, maar collectief geklungel van de bovenste plank.

Een bal over vijf meter in de voet spelen lukt ons niet, we combineren te weinig, we gooien verkeerd in, we vinden de vrijstaande man niet, we laten onze tegenstanders uit de rug weglopen, we zijn te slap, er is geen beleving, we coachen elkaar niet, terugspeelballen op de keeper zijn te hard of te zacht, we durven niet te koppen en we spelen allemaal onze eigen wedstrijd.

Oké, ik geef toe, ik chargeer, overdrijving is een goed stijlmiddel om iets duidelijk te maken, maar de boodschap is helder. We prutsen en het is prutsen met een kapitale hoofdletter P. Het eerste mag misschien niet goed voetballen, zeg maar slecht, maar wij als CSVC 3 kunnen ze inmiddels de hand schudden.

De cijfers spreken boekdelen. De laatste vijf wedstrijden hebben we drie puntjes gehaald. Onze laatste overwinning dateert al weer van 25 september.

Volgens onze coach Marco kan hij al aan de warming-up zien wat voor wedstrijd het wordt. “Nou, gisteren had ik het wel heel snel gezien. Iedereen deed maar wat, in plaats van goed warm te lopen, pakte iedereen direct de bal en werd er wat slap heen en weer getrapt. Die instelling zag je in de wedstrijd terug.”

Ja, laat ik het maar even over de wedstrijd zelf hebben. In de eerste helft ging het nog. Veel balbezit, maar wat wil je, we speelden tegen een ploeg die een na laatste staat. Maar dat vele balbezit leidde tot bar weinig. Genoeg kansen, maar afmaken, ho maar. Pas bij een snelle counter wist Michael de voorzet van Michel doeltreffend af te ronden. In de rust werd er gewisseld, maar daardoor gingen we niet beter voetballen. Emmen kwam wel beter in de wedstrijd en maakte na een kwartier spelen gelijk. We probeerden het daarna nog wel, maar de kansen die we nog kregen, waren zoals vaak parels voor de zwijnen.

Nee, snel vergeten deze wedstrijd, ik heb er een vervelende nasmaak aan overgehouden. Maar goed dat de Ganzenmarkt op punt van beginnen staat.

O, ja nog een ding: Geert heeft de Ganzenmarkt gehaald. Het eerste speelde na een 3-0 achterstand alsnog met 3-3 gelijk tegen Zweeloo. Kan ik toch nog positief afsluiten.

Heeft Geert het telefoonnummer van zijn broer?

Zal Geert wel eens met zijn broer bellen? Na afgelopen zaterdag mag ik hopen van wel, want het eerste verloor opnieuw, nu met 2-1 van Smilde ’94. Misschien dat Erik zijn broer nog wat goede adviezen kan geven, want dat is hard nodig.

Van de negen wedstrijden gingen er zeven verloren, waardoor CSVC momenteel samen met Tonego en Sleen onderaan bungelt. Deze drie ploegen lijken de zwakke broeders in de competitie, er is inmiddels met de onderste helft van de middenmoot een gat van vijf punten. En dat gat zie ik ze niet een, twee, drie dichten.

Zelf heb ik nog geen wedstrijd van het eerste gezien, zodat ik over het spelpeil weinig zinnigs kan zeggen.

Gelukkig kunnen en willen anderen dat wel. Twee weken geleden, toen ik bardienst had, praatte ik met Harold Mulder die aan de bar een biertje zat te drinken. Ik vroeg hem waarom het eerste zo slecht presteerde. Harold maakte van zijn hart geen moordkuil. “Het is heel gemakkelijk, we creëren veel te weinig kansen. Als je geen kansen creëert, wordt het lastig. Vergelijk dat eens met vorig jaar. Toen hadden we met Willem Assies een fantastische spits die uit het niets zomaar een doelpunt kon maken. Zo’n voetballer hebben we nu niet.”

Van anderen hoor ik dat het eerste geen team is. “Er is geen samenhang, het team hangt als los zand aan elkaar”, zegt de een. Volgens een ander willen “die gasten niet voor elkaar werken en als je dat niet voor elkaar kunt opbrengen, win je nooit de wedstrijd.”

Ja, beste lezers, het volk mort en daar waar wordt gemord, is de nuance ver te zoeken. “Het bestuur moet ingrijpen, stuur die Prins toch naar huis. Weet je wat dit bestuur nodig heeft? Visie en beleid!”

Ik verneem ook dat het bestuur een week geleden met Geert een gesprek heeft gehad en dat Geert niet hoeft op te stappen. Van weer een ander hoor ik juist weer dat het hoofd van Geert op het hakblok ligt. “Nog een nederlaag en hij kan zijn biezen pakken.”

Het zijn verwarrende tijden, mensen. Heel verwarrend.

Drie blunders, maar we bekeren verder

Afgelopen woensdagavond stond er een bekerwedstrijd op het programma. We mochten het opnemen tegen Valthermond 6 dat in de competitie bij het vierde is ingedeeld. Dat moest te doen zijn, was de algemene stemming. Dat was het ook, maar zoals wel vaker maakten we het onszelf weer bijzonder lastig.

We kwamen na een wat aarzelend begin vrij vlot op 2-0 door doelpunten van Michael en Bas (een bal die tergend langzaam het doel inhuppelde). Niets aan de hand zou je zeggen. Valthermond combineerde leuk was, maar was verder niet gevaarlijk. Totdat Udo op de Epi Drost-tour ging.

Voor de jongere lezers en vrouwen onder ons: Epi Drost was in de jaren 70 een goede voetballer bij SC Twente die als laatste man af en toe de neiging had om een mannetje uit te kappen. Meestal ging dat goed, maar soms ook niet. Goed, Udo maakte een Epi Drostje, verloor de bal knullig aan een tegenstander die snel diep paste, waarna de spits van Valthermond de 2-1 aantekende.  Oké, vervelend, maar nog geen vuiltje aan de lucht, toch?

In de rust werden Bas, Gerlof en ik gewisseld. Dat laatste vond ik niet erg, want ik had nog wat last van mijn achillespees. Ik weet niet of het aan de wissels lag, maar CSVC 3 was na de rust behoorlijk de weg kwijt. Valthermond werd sterker, maar voor het maken van een doelpunt hadden ze ons wel nodig.

Dit keer was het Arno die een Haikotje produceerde. Via zijn knie verdween de bal  in eigen doel. Even later was het Bouke die een corner tussen zijn handen liet doorglippen, waardoor Valthermond zowaar op een 2-3 voorsprong kwam. Het moest niet gekker worden. Binnenkort eens vragen wat er aan de hand is met onze keeper , want in drie wedstrijden drie rare doelpunten tegen krijgen, vraagt om nader onderzoek. Je zou haast gaan denken dat Bouke connecties heeft met een Chinees goksyndicaat.

Enfin, terug naar de wedstrijd. CSVC 3 pakte de draad weer op en het was wederom Michael die na half misgrijpen van de keeper van Valthermond vijf minuten voor tijd de gelijkmaker binnenschoot. Dat de scheids (Johan Poker) even daarvoor een 100 procent handsbal van Valthermond over het hoofd zag, ach het zei hem vergeven. Daar zal Rene anders over denken, maar die had sowieso meer aanmerkingen op het fluiten van de scheids. Het kan toeval zijn, maar toen ik Poker een paar dagen later aan de bar sprak, deelde hij mee dat hij zijn fluit voor enige maanden aan de wilgen ging hangen.  “Dat gezeur van al die spelers. Ik ben het spuugzat. Ze moeten niet zo zeuren en gewoon hun kop houden.”

Fijn om te weten. maar nogmaals terug naar de wedstrijd. Met een gelijkspel was het tijd voor penalties. Nou, dat deden wij beduidend beter dan Valthermond. Bouke hield al direct de eerste strafschop tegen, zodat we na vier benutte strafschoppen gewoon doorgaan in de beker. Op naar de polder zou ik zeggen.

Update: Iedereen beleeft de wedstrijd op zijn eigen manier. Volgens de chroniqueur van Valthermond 6 kwamen wij onverdiend terug tot 3-3. Zie voor de details het wedstrijdverslag Strafschoppen doen Mondkers de das om.

Update 2: Volgens Arno was het geen eigen doelpunt. Wij zeggen pech, niet zeuren en bovendien, het staat al in de statistieken vermeld.