Een schoppartij zonder winnaars

Met nog vier minuten te gaan, pleegt Arno een onvervalst Udotje op een speler van Genemuiden 6. Een Udotje, vernoemd naar inderdaad Udo, is een keiharde overtreding op de tegenstander zonder de intentie om de bal te speler. Het is zo’n overtreding die je van mijlenver ziet aankomen, eentje waarbij je het hoofd afwent, omdat je haar eigenlijk niet wil zien. Eentje waarmee je een tegenstander zijn been kunt breken.

Dat laatste valt gelukkig mee, maar het had heel goed verkeerd kunnen aflopen. Direct na de overtreding zijn de rapen gaar. De irritatie die zich tijdens de wedstrijd heeft opgebouwd, komt er bij beide ploegen uit en dat leidt tot een weinig verheffend schouwspel met klappen over en weer. Voor de scheidsrechter is de maat vol en die doet het enige verstandige, hij staakt de wedstrijd.

Nu is de overtreding van Arno wel te begrijpen, want daarvoor maakt Genemuiden in een tijdsbestek van een minuut twee overtredingen die beide een gele kaart waard zijn. Als de scheidsrechter niet fluit, neemt Arno het recht in eigen hand.

Niet slim natuurlijk als je nog maar een paar minuten moet spelen en je met 4-1 voorstaat, maar het past helemaal in de wedstrijd die eigenlijk al vanaf het begin uit de bocht vliegt. Het is een schoppartij zonder winnaars. Al na een kwartier roept de scheids de twee coaches bij hem. Of beide ploegen wat meer respect voor elkaar willen opbrengen en of ze niet zo op de scheidsrechter willen zeuren.

Dat is aan dovemansoren gezegd en het gaat van kwaad tot erger. Een trap op de schenen, een elleboog op de keel, een gestrekt been, scheldpartijen. Nee, de wedstrijd van afgelopen zaterdag is geen promotie van de voetbalsport.

Het enige hoogtepunt is ons vierde doepunt. De bal gaat razendsnel over drie schijven naar Robert die met een afgemeten lob de keeper van Genemuiden verschalkt. Rene tegen een tegenstander: “Dit ging voor jullie allemaal net even te snel, hè?”

Een van de dieptepunten. Het nog net niet huilende zoontje van de speler van Genemuiden die door Arno is getorpedeerd en die aan Udo vraagt waarom ze zijn papa hebben geschopt. Udo, geen rekening houdend met de tere kinderziel: “Omdat je vader dat verdiend heeft, daarom.”

Oei, oei, maar heel snel vergeten deze wedstrijd.

Advertenties

De kont van Merkel en een wereldgoal

Afgelopen zaterdag moesten we naar Genemuiden. Dat is een flink eind rijden, zodat we genoeg tijd hadden om een flinke boom op te zetten. Na wat grappen en grollen werd het na Hoogeveen tijd voor wat serieuzere kout. We kregen het over de eurocrisis.

Na wat inleidende opmerkingen over Europese steunfondsen, eurobonds en eurosancties kwamen we al snel tot de kern van de zaak. Hoe lossen we het op. En ik wil niet overdrijven, maar we (Rene, Richard Winter en ik) waren al analyserend bijna tot de finale oplossing gekomen, totdat Richard Renkema zijn iPhone wegstopte en zich ermee ging bemoeien.

“Ik hoor jullie over Italië praten. Hebben jullie gehoord wat Berlusconi over Angela Merkel heeft gezegd? Niemand wist waar Richard op doelde

Schaterlachend: “Dat ze een dikke, onneukbare kont heeft.”

Tsja, na deze opmerking verdween de eurocrisis en de oplossing ervan razendsnel uit beeld. Helemaal toen Richard Renkema zich afvroeg of Merkel toevallig op een van de bunga bunga-feestjes van Berlusconi zou zijn geweest. “Ja, het moet haast wel, die Berlusconi zegt dat natuurlijk niet zomaar.”

In Genemuiden aangekomen was het druk. Aanvankelijk dachten we nog dat ze allemaal voor ons waren gekomen, maar de plaatselijke trots die Topklasse speelt, moest het opnemen tegen IJsselmeervogels.

Genemuiden 7, onze tegenstander had een verrassing voor ons in petto. We mochten op een kunstgrasveld ballen. Daar waren we op zijn zachtst gezegd niet blij mee. Gelukkig bleek tijdens de wedstrijd dat we er weinig hinder van ondervonden. De bal ging goed rond en we legden Genemuiden 7 op de pijnbank. Robert scoorde na 20 minuten de 1-0.

Vijf minuten kregen we een penalty. Vaste penaltynemer Rene zou dat varkentje wel eens wassen, maar schoot de bal recht door het midden, zodat de keeper weinig moeite had om de bal tegen te houden. Ook daarna kregen we nog enkele goede kansen, maar we waren niet scherp genoeg.

Henk kreeg het vlak voor rust aan de stok met de aanvoerder van Genemuiden. Volgens Henk had de aanvoerder hem geslagen. Henk had zelf niets gedaan, zei hij. Waarom de aanvoerder dan een dikke rode kras in zij nek had, wist hij niet.

Henk in de rust: Die vent was witheet. Helemaal toen ik vroeg of hij thuis ook van die losse handjes had.”

Na rust waren we het momentum kwijt. Niks liep meer. Genemuiden won aan vertrouwen en kwam terug tot 1-1. Een hoge bal vanuit het middenveld leek een prooi voor Bouke die uitkwam, maar halverwege ploltseling bleef staan, zodat de rechtsbuiten van Genemuiden dankbaar de bal kon binnenschieten.

Rene tegen Bouke: “Waarom loop je nou niet door, dan heb je de bal.”

Bouke reageert getergd: “Je moet niet zeuren, man.”

Rene: “Als je halverwege blijf staan, weet je zeker dat je er een om je oren krijgt.”

Bouke: “Kijk naar je zelf. Wie mist er in de eerste helft nu een penalty? En als je het zo goed weet, dan ga je toch lekker zelf keepen?”

Gelukkig hadden we Robert nog. Vijf minuten na de goal van Genemuiden kwam zijn moment. Aan de linkerkant ter hoogte van de zestien kreeg hij de bal in bezit. Na een panna van een tegenstander krulde hij de bal meesterlijk buiten het bereik van de keeper in de rechterbovenhoek, 2-1.

Chapeau Robert, chapeau.

p.s. Dit zou Berlusconi hebben gezegd: una culona inchiavabile.

Een korfbaluitslag maar we winnen wel

Maar liefst 21 man zouden we hebben voor de wedstrijd tegen Tiendeveen 2. Zes man uit het tweede moesten namelijk afzakken. Nu is 21 man een beetje veel, alleen al dug-out technisch geeft het problemen.

Het was dan ook niet zo vreemd dat Marco vrijdag een berichtje op Teamwebs plaatste of er geen teamgenoten waren die zaterdag een of ander klusje hadden te klaren en zich vrijwillig wilden afmelden.

Zaterdag bleken ervan de 21 slechts 14 man over te zijn. Hadden we ons van te voren weer voor niets zorgen gemaakt. Enkele spelers van 2 konden niet of hadden geen zin om bij ons te voetballen. Bovendien had Henk zich vrijwillig afgemeld en ook Ronnie vond het wel goed.

Niets stond ons meer in de weg om aan de eerste competitiewedstrijd te beginnen. We zitten in een compleet andere competitie met een groot aantal tegenstanders die we nu eens niet van te voren kennen. En dat is op zijn tijd wel eens verfrissend.

Nou Tiendeveen bleek allerminst een hoogvlieger. Anders dan de uitslag doet vermoeden, waren we heer en meester. Als we achterin niet zo hadden lopen blunderen, was het gewoon 6-0 geworden.

Bij de eerste tegengoal liet Bouke een bal los, bij het tweede doelpunt begrepen Bouke en Harold elkaar niet helemaal, de derde tegengoal was een strafschop die geen strafschop was en bij de vierde doelpunt timede Harold een hoge bal verkeerd, waardoor de spits van Tiendeveen vrijuit op ons doel afkon.

Gelukkig was onze voorhoede trefzeker, zodat we de eerste wedstrijd met 6-4 winnend afsloten. De eerste punten zijn binnen, maar er moet nog wel het een en ander verbeteren willen we bovenin meespelen.

In de volgende blog: hoe Robert een fenomenaal doelpunt scoort en Rene, Richard, Richard en ik op weg naar Genemuiden 7 bijna de eurocrisis oplosten.

‘Stoppen is geen optie’

Gealarmeerd door mijn vorige blog wordt ik zondagmiddag gebeld door Udo.

“Ouwe dibbes, wat is er in hemelsnaam aan de hand jongen? De tamtam gaat rond in Coevorden. Jij gaat stoppen met voetballen? Nou, de Jong, ik kan je een ding vertellen. Stoppen is geen optie. Hoor je me? Jij blijft gewoon lekker voetballen, donderdag ga je trainen, dan praten we er over en zaterdag sta jij gewoon weer achterin te ballen. Ik zeg het nog een keer: stoppen is geen optie.”

Eerder die middag krijg ik een smsje van Arno. “Arjen, haal die blog eraf! Donderdag gewoon weer trainen. Ik bel je vanavond.”

Ook Henk laat via een sms van zich horen.  “De Jong, til niet te zwaar aan verkeerde beeldvorming. Hier komen we wel uit. Stoppen is zeker niet nodig.”

Rond een uur of vijf is mijn ergenis over zaterdagavond afgezwakt tot een zwak briesje en denk ik er al weer anders over. Nee, stoppen is inderdaad geen optie.

’s Avonds belt Marco om te vragen wat er aan de hand is. Hij is opgelucht als ik zeg dat ik niet stop.

Even later belt Arno. Het ligt toch allemaal wat genuanceerder. Niet alle teamgenoten vinden dat ik te weinig rondjes geef, alleen de jongens waarmee ik donderdag train. Zegt Arno.

Ik spreek met Arno af dat we er donderdag nog even over praten.

Of dit nu een spreekwoordelijke storm in een glas water is? Ach, waarschijnlijk wel. Laat ik het zo zeggen. In de beste relaties heb je wel eens mot. Op zich niet erg, als je er maar voor zorgt dat je voor het slapen gaan het weer bijlegt.

Bijvoorbeeld met een biertje.

Een klaploper hoort niet in 3

ik ben een klaploper, een profiteur. Dat zei Arno gisteravond tegen mij op de verjaardag van Haiko. Niet in die precieze woorden, maar de boodschap kwam er in feite wel op neer. Waarom? Arno is van mening dat ik te weinig rondjes weggeef.

Als Arno nou de enige was die dat vond, dan had ik daar weinig moeite mee, Arno vindt namelijk wil meer mensen een klaploper. Maar volgens hem is de meerderheid van het derde dezelfde mening toegedaan.

Dat laatste vind ik minder leuk. De gedachte dat mijn teamgenoten vinden dat ik op hun kosten zit te drinken, vind ik geen leuke gedachte. Ik moet zeggen dat ik na het gesprek met Arno enigszins van stuk was. Maar ik was ook pissig, want Arno en ik kregen ook nog een woordenwisseling over het feit of ik gisteren wel of niet 5 euro in de pot had gedaan. Arno zei van niet, ik zei van wel. Nou Arno, ik weet een ding zeker; ik heb gistermiddag meegelapt, maar daar was je niet bij omdat je op dat moment boven in de bestuurskamer gratis bier aan het drinken was.

Ik moest me zijn woorden trouwens niet persoonlijk aantrekken zei Arno nog. Nou, dan zal ik een ieder wat vertellen, dat doe ik wel. Ik vat het zelfs hoogstpersoonlijk op. Ik word niet alleen uitgemaakt voor leugenaar, maar ook als een klaploper neergezet. Een mooie boel.

Toen ik naar huis fietste, heb ik me afgevraagd. heeft Arno gelijk? Is het beeld terecht. Hmm, ik heb toch stellig de indruk dat ik geregeld na de training rondjes heb gegeven, maar het is niet zo dat ik als een boekhouder ga bijhouden wie er aan de beurt om de portemonnee te trekken.

Ook nu na een nacht slapen voel ik me nog steeds onheus bejegend. Moet ik dat beeld van klaploper de komende tijd te lijf gaan door na iedere training als eerste een rondje te gaan geven en dat te blijven volhouden totdat iedereen me smeekt om ermee op te houden omdat het bier ze tot aan hun nek zit?

Nou, dat dacht ik niet. Maar ik pas er ook voor om een biertje aan te nemen van een teamgenoot, terwijl een stemmetje in mijn hoofd zegt: je krijgt wel bier van hem, maar eigenlijk vindt ie jou een klaploper.

Goed, dit gezegd hebbende, kan ik maar een conclusie trekken. In het derde is geen plaats voor een klaploper. Met onmiddellijke ingang stop ik dan ook met voetballen in CSVC 3. Jullie moeten op zoek naar een andere laatste man. Lijkt me geen probleem nu Mulder ook bij 3 is gekomen.

Voor iedereen van 3 die vindt dat ik op hun kosten bier heb gedronken. Mijn excuses, maar jullie bier heb ik met liefde opgedronken.